De basisprincipe van
spanplafonds is dat er een frame rondom
in de ruimte aan de wanden wordt gemonteerd. Hierin wordt het
spanplafond doek op een dusdanige manier gespannen dat deze superstrak,
zonder plooien en mooi egaal als resultaat heeft.
De methodiek
die we hiervoor gebruiken is afhankelijk van het materiaal.
Bij de "warme spanners" wordt de ruimte verwarmd zodat het
plafond soepel wordt en gespannen kan worden. Na het spannen wordt het
plafond weer stug maar krimpt niet, de warmte is puur een hulpmiddel om
te kunnen spannen.
Bij de "koude spanners" wordt het plafond op kamertemperatuur
gespannen en eventuele plooitjes met een föhn weggewerkt. De principes
zijn anders maar het resultaat is het zelfde. Bij het eerste huisbezoek
adviseren wij u welke type het beste bij u kan worden toegepast.
Er is nog een derde methodiek waarbij het plafond ong 10% te
klein wordt gemaakt. aan de randen zit een zgn. harpoenrand die dan in
het frame gelepeld moet worden. Deze methodiek gebruiken wij niet omdat
het plafond heel precies van te voren ingemeten moet worden. Bij het
monteren is er dan geen ruimte meer voor aanpassingen t.b.v.
gordijnkoven e.d. daarom zien wij deze methodiek meer voor zakelijke
toepassingen.
aanverwante
werkzaamheden zoals gordijnkoven worden vooraf in overleg
gemonteerd. Verstevigingen en bedradingen t.b.v. o.a.
verlichtingen worden ook vooraf geïnstalleerd en getest.
De afwerking
is het rondom afwerken met een (door u gekozen)lijst die van te voren in
overleg op kleur is gemaakt. Ook de verlichting wordt na het spannen
afgemonteerd. |